De architectuurfunctie #1: Architectuur is meer dan de inhoud

Door: Rob Stovers

In een serie van vijf blogs neem ik je mee in de praktijkervaringen (van mijzelf en van mijn collega’s bij Solventa) met het inrichten en implementeren van de architectuurfunctie. Een belangrijk onderdeel om architectuur ‘te laten werken’. De ervaringen op dit gebied hebben we vanuit Solventa eerder gedeeld in de vorm van een webinar, dat je hier kunt terugkijken. In deze eerste blog introduceer ik de architectuurfunctie en laat ik zien dat architectuurfunctie en architectuurinhoud niet zonder elkaar kunnen. 

Bij architectuur denken we aan….

De eerste associatie bij architectuur (tenminste, binnen ons vakgebied van bedrijfs- en informatiearchitectuur) is doorgaans die van modellen, platen, analyses, overzichten, principes, etc. Google maar eens op het trefwoord ‘informatie-architectuur’ en het duurt vrij lang voordat je iets anders ziet dan modellen. Na ongeveer honderd figuren zie ik voor het eerst een mens. Die een model tekent, dat dan weer wel.

En onlogisch is het natuurlijk niet. Architectuur is nu eenmaal abstract en als je met architectuur richting wilt geven, dan zoek je mogelijkheden om uitdrukking te geven aan die richting en de toekomstbeelden die daaruit voortvloeien. We hebben architectuurinhoud – ik gebruik dat even als verzamelnaam voor alle uitingsvormen die ik hiervoor noemde – keihard nodig. Het wordt wel problematisch als het bij architectuurinhoud alleen blijft. Hoe goed die ook is.

Architectuur werkt niet vanzelf

Architectuurinhoud is dus een belangrijk middel van de architect. Het doel is om veranderingen te sturen. En daar is meer voor nodig. Om architectuur werkend te krijgen, moet een groot aantal vragen worden beantwoord. Vragen die niet over de inhoud zelf gaan, maar over de context waarbinnen die inhoud zijn werking moet hebben. Deze vragen draaien als het ware om de inhoud heen.

Ik noem er een aantal (in de figuur staan er nog meer):

  • Voor wie maak je de architectuurinhoud? Dat klinkt als een hele logische vraag, maar de praktijk leert dat we onvoldoende helder hebben wie de stakeholder(s) van architectuur is. Doelgericht modelleren, het juiste viewpoint kiezen, de kunst van het weglaten. We weten dat het moet, maar voeren we het ook uit?
  • Wat moet diegene met de architectuurinhoud kunnen? Het maakt voor de inhoud en vorm van architectuur nogal wat uit of het bedoeld is om besluiten mee te kunnen nemen, overzicht en inzicht te hebben of kaders te stellen.
  • Wie beoordeelt de architectuurinhoud en welke overlegvormen richt je daarvoor in?  Richt je zoiets als een architectuurboard in? Wie zitten daar dan in en waarom?  Waar gaat de board dan precies over?
  • Hoe verbinden we de inhoud met andere processen? Architectuur is geen eiland. Er zijn relaties met aangrenzende disciplines zoals informatiemanagement, portfoliomanagement, strategievorming, projectmanagement en wijzigingenbeheer. Hoe werkt dit alles samen en wie heeft welke architectuurinhoud nodig?
  • Welke architectuurinhoud pakken we samen in één architectuurproduct? In een organisatie van enige omvang kennen we doorgaans meerdere producten. Enterprisearchitectuur, domeinarchitecturen, projectarchitecturen, doelarchitecturen, etc.  Hebben we ook een goed beeld van wat in welk product staat? Hoe de inhoud is verdeeld en hoe hangen de producten samen?

Kortom: er is nog best veel te regelen naast de architectuurinhoud. 

Architectuurvolwassenheid als product van inhoud en functie

Om van effectieve architectuur te kunnen spreken, moeten zowel architectuurinhoud als architectuurfunctie op orde zijn. Om te benadrukken hoe belangrijk het is om beide aspecten te ontwikkelen hanteren we wel eens deze formule:

Architectuurvolwassenheid = architectuurinhoud x architectuurfunctie

Dit om aan te geven dat het weinig zin heeft om hele goede inhoud te hebben, maar een slecht georganiseerde architectuurfunctie. Hoe goed de inhoud ook is, er zal weinig mee worden gedaan en het sterft in schoonheid. Andersom is het ook niet nuttig om een hele goede architectuurfunctie te hebben met slechte architectuurinhoud. Dan wordt er wel wat gedaan met je architectuur, maar levert het niet het resultaat dat je wilt.

Beter is het dus om beide aspecten in evenwicht te ontwikkelen, dan groeit je architectuurvolwassenheid het hardste. En omdat in de praktijk de inhoud al genoeg aandacht krijgt, richt ik me in deze blogserie op het verder ontwikkelen van de architectuurfunctie. 

In de volgende blog sta ik stil bij de waarde van een goed ingerichte architectuurfunctie.